Typisch Kempen? Hier ontdek je het.

De 'oude' Nete slingert door de Kempen

In deze tentoonstelling werd een selectie van oude foto’s bijeengebracht waarop de Nete (Grote & Kleine) prominent in beeld is. De meeste foto’s zijn van Lier, maar ook Grobbendonk, Herentals en Herenthout komen even aan bod.

Het bekken van de Nete omvat de Kleine Nete en de Grote Nete en al hun zijwaterlopen (bij- en zijrivieren van de Kleine Nete: Klein Neetje met Loeijens Neetje, Zwarte Nete (Desselse Neet, Nonnen Neetje, Goorneetje en Zuidelijk Nonnenneetjebij- en zijrivieren van de Grote Nete: Molse Nete (Oude Neet en Scheppelijke Neet) en Bijloop Nete, Voorste Neet en Achterste Neet) .

De Grote Nete ontspringt op de westelijke flank van het Kempens Plateau en strekt zich uit van Oosterlo, Geel, Westerlo, Hulshout, Heist-op-den-Berg, Berlaar en Nijlen tot in Lier. De rivier en haar vallei hebben een hoge actuele en potentiële natuurwaarde. Het gesloten karakter van de vallei bestond al in de 18de eeuw en is grotendeels bewaard gebleven. Het landschap rond de Grote Nete is ook rijk aan kleine landschapselementen. Tevens heeft de rivier ten opzichte van haar bijlopen een betere kwaliteit die vermoedelijk te maken heeft met een hogere structurele waarde en het zelfreinigende vermogen van de rivier. Dit leidt tot een rijke levensgemeenschap, met een erg gediversifieerde visfauna.
Karakteristiek voor het zacht glooiende doorsneden gebied zijn de vochtige tot moerassige gras- en rietlanden en elzenstruwelen. De aanwezigheid van verschillende biotopen zorgt ervoor dat een grote concentratie reeën hier kan standhouden. Het land wordt vooral gebruikt als weiland en voor de tuinbouw. Ook op toeristisch-recreatief vlak zijn er vele mogelijkheden: je kunt in deze regio heerlijk wandelen, fietsen, zwemmen, surfen, zeilen, golfen, paardrijden en vele andere sporten beoefenen.
De Kleine Nete heeft geen ‘echte’ bron. Ze ontstaat uit een waaier van kleinere beekjes op het grondgebied van de landelijke gemeenten Arendonk, Retie, Dessel, Mol en Kasterlee. De Kleine Nete en de Aa treden iedere winter buiten hun oevers. Daardoor komen in vochtige winters meer dan 500 ha onder water te staan. Het landschapsbeeld in deze valleien wordt gekenmerkt door uitgestrekte, natte weilanden, broekbossen, nog enkele mooie rietkragen en een mooi meanderend patroon van de Kleine Nete, dat echt uniek te noemen is. Toch onderging de Kleine Nete in het verleden enkele drastische ingrepen ten behoeve van de waterbeheersing en de landbouw. Verschillende stuwen regelen het waterpeil. Tussen Herentals en Grobbendonk is de Kleine Nete een traagstromende rivier met vooral tijdens de zomermaanden een rijke plantengroei. Stroomafwaarts van Grobbendonk wordt de Kleine Nete een getijrivier.
De Kleine en Grote Nete vormen na hun samenvloeiing in Lier de Benedennete, die verderop in de Rupel uitmondt.

Bekijk tentoonstelling
Delen Facebook Twitter Delicious Send to a friend